Bijleveldhaven is Foodport: Meer volume en meer werkgelegenheid

leo lagendijk-5981
TEKST MARJOLIJN BERGMANN & FOTOGRAFIE JAN DE CARPENTIER

‘Food’ staat in de Vlissingse haven volop in de schijnwerpers: door de komst van de Spaanse vruchtensappenproducent AMC in 2013 en het afhandelen van de Chiquita-bananen sinds vorig jaar door logistiek dienstverlener Kloosterboer. Hoe groot is onze Foodport nu? Wat kunnen we voor groei in de toekomst verwachten en wat maakt ‘Vlissingen’ nou zo aantrekkelijk?

 

 

 

Export

Leo Lagendijk is als Commercieel Manager bij Zeeland Seaports verantwoordelijk voor deze sector: “Of een bedrijf zich in onze haven vestigt, is van veel factoren afhankelijk. Fruit, zoals appels en peren, gaat veelal over de weg. Terwijl onze Zeeuwse uien, aardappelen, vlees en vis wel per schip geëxporteerd worden, naar West-Afrika en Zuid-Amerika. Helaas vertrekken veel grote rederijen niet vanuit Vlissingen. Gelukkig hebben we met CMA CGM een overeenkomst kunnen tekenen: zij hebben een lijndienst van Vlissingen naar diverse havens in West-Afrika. Ook is de manier van transporteren belangrijk. Onze havens zijn sterk in bulk. Maar bij grootscheeps containertransport kiezen bedrijven sneller voor Antwerpen of Rotterdam, die daarvoor beter geoutilleerd zijn.”

Groei

De Bijleveldhaven, waar uitsluitend foodbedrijven gevestigd zijn, is gegroeid sinds midden jaren tachtig. “Eerst was het voor bijvoorbeeld Kloosterboer een kleine ‘hub’ voor seizoensfruit”, herinnert Leo Lagendijk zich. “Maar doordat het volume toenam, trok dat andere bedrijven aan. Ook de dienstverlening werd steeds uitgebreider: van het laden en lossen tot douaneafhandeling en inspectie. Onze havens bieden veel overslagmogelijkheden, voor zowel wegtransport als binnenvaart. Om wat cijfers te noemen: ZZC handelt 260.000 ton bananen af voor bijvoorbeeld Lidl Duitsland, Kloosterboer 170.000 ton Chiquita-bananen en AMC verwerkt jaarlijks 120 miljoen liter sap. Zulke volumes hebben een aanzuigende werking.”

Investering

“Voor veel bedrijven is het een grote stap om van haven te veranderen”, legt Leo Lagendijk uit. “Zo maakte Chiquita drieëndertig jaar gebruik van een volautomatische loods in Antwerpen, waar grote investeringen mee gemoeid zijn geweest. Gelukkig hadden we goede argumenten ze naar Vlissingen te krijgen: het scheelt zeven uur varen, een hoop brandstof en geen vertraging door sluizen. Hier gebeurt de afhandeling niet volautomatisch maar door ‘mensen’. Dat is weliswaar iets langzamer, maar stukken goedkoper.”

Toekomst

Of meer bedrijven het voorbeeld van Chiquita en AMC zullen volgen? “Het gaat om synergie: van blendstations en verpakkingslijnen tot het wegtransport naar de retail. En door groei van de bedrijven, groeit ook je aantal scheepsbewegingen. En neem het aantal arbeidsplaatsen: er werken nu 120 man bij AMC, dat worden er 300 met de komst van hun nieuwe fabrieken en lab. Dat heeft weer effect op de werkgelegenheid bij de afhandeling. Ook de visindustrie heeft belangstelling getoond. Hier is nog ruimte om uit te breiden. En je bent hier geen nummer, maar een klant. Dat is ook belangrijk.”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *