EU-initiatief 2014 bij Marinekazerne Vlissingen

MIRG voor directe respons bij incidenten op het water

Als uitvloeisel van het project Waterrand en als onderdeel van het project Deltawateren, wordt er naar verwachting volgend jaar reeds een eerste MIRG-team opgeleid. Uitvalsbasis voor deze Maritime Incident Response Group wordt het terrein van de Marinekazerne Vlissingen. MIRG staat voor specialistische teams van met name brandweerlieden en experts in gevaarlijke stoffen die bij calamiteiten aan boord van een schip gaan.

De Marine, betrokken bij de maritieme incidenten bestrijding van de Veiligheidsregio Zeeland, faciliteert het project Deltawateren en is bijzonder geïnteresseerd in de toekomstige ontwikkelingen ervan in samenwerking met de Kustwacht. Bijkomend voordeel is de expertisevorming die met MIRG gepaard gaat. Want maritieme rampenbestrijding staat wereldwijd nog in de kinderschoenen, dus is het in potentie ook een krachtig exportproduct.

Zeeland, het tweede risicogebied van Nederland, is geen makkelijke veiligheidsregio. Overste drs. W. Meijer, commandant van de Marinekazerne Vlissingen: “We zitten hier in een complex gebied. Je hebt te maken met België en tevens met internationale wateren. Het is eigenlijk een mix van land- en zeeproblematiek waarbij de scheidslijnen vaak dwars door gemeentelijk gebied lopen. Zo behoort het aanloopgebied van de Westerschelde voor een deel tot de gemeenten Vlissingen en Veere waar de Wet Veiligheidsregio’s geldt, maar het valt tevens onder de Wet Bestrijding Ongevallen Noordzee, een heel andere wetgeving.”

Door incidenten in het verleden, zoals met de containerschepen Pelican 1 en Fowairet in het Nauw van Bath, is een betere afstemming op elkaar van groot belang. Daarom startte in 2006 op last van de Ministeries van Verkeer en Waterstaat en Binnenlandse Zaken het landelijke project Waterrand. Opdracht: De bestrijding van incidenten op het water te verbeteren en te komen tot een landelijk geldende gedragscode voor alle betrokken instanties.

Samenwerking en slagkracht
Unithoofd Zeeuwse Stromen van de Dienst Waterpolitie J. Jansen, die ook deel uitmaakte van de Werkgroep Waterrand: “De diverse hulpdiensten waren op zich best in staat tot adequate actie. Maar de communicatie en de onderlinge verbanden tussen bijvoorbeeld de brandweer, de Geneeskundige Hulporganisatie in de regio (GHOR), Rijkswaterstaat en de politie lieten te wensen over. Bovendien bleek de informatie die overheden bij calamiteiten hadden over de lading van de schepen, steeds een bottleneck. In de breed samengestelde werkgroep, waarin Zeeland ruim vertegenwoordigd was, zijn al die problemen en ervaringen naar voren gebracht.” Onderdelen van het in 2009 afgeronde project gelden inmiddels al in diverse veiligheidsregio’s in Nederland, waaronder Zeeland als onderdeel van het project Deltawateren. Elementen van Waterrand zijn alarmeringsprotocollen, opleidingen, verbindingsschema’s voor communicatie, de structuur van leiding en coördinatie. Kortom het beleidskader maar ook de praktische procedures.

Meijer: “Dat moet leiden tot meer samenwerking en slagkracht. Want je hebt te maken met allerlei overgangsgebieden waar andere partijen ook verantwoordelijk zijn, van de Kustwacht tot de veiligheidsregio tot Rijkswaterstaat tot verschillende ministeries en instanties. Allemaal hebben ze hun eigen bevoegdheden vanuit die beheerstaak. De volgende stap is om die verschillende disciplines op een intelligente wijze aan elkaar te koppelen. Vandaar ook dat de Provincie Zeeland met het project Deltawateren een start heeft gemaakt om alle partijen binnen de veiligheidsregio bij elkaar te brengen. Dat heeft intussen al geleid tot een belangrijk initiatief in EU-verband.”

MIRG
Het uit Groot-Britannië overgenomen MIRG-concept behelst het snelle ingrijpen bij incidenten op het water om daarmee de kans op escalatie te verkleinen, zeker nu de schepen steeds groter worden. Meijer: “Als er dan iets gebeurt, zoals bijvoorbeeld bij de Costa Concordia in Italië, is het effect gigantisch. Voor zo’n grootschalige ramp op de Westerschelde wil je klaar zijn.” Jansen: “MIRG is een bepaalde systematiek; vaste teams met helikopterondersteuning die in actie komen als de bemanning van een schip het zelf niet op kan lossen. En dan liefst in open water, voordat men in de buurt van de kust of oever kan komen.”

Inmiddels wordt in het door de EU gesubsidieerde Interreg-project samengewerkt door de landen die grenzen aan de Kanaalzone, het zogenaamde Twee-zeeëngebied. Behalve de veiligheidsregio Zeeland zijn ook de brandweerkorpsen van Antwerpen, Beveren en Gent aangesloten, alsmede de brandweer in de regio’s van het Franse Pas-de-Calais en het Engelse Kent. De bedoeling is dat er in alle vier de landen een eigen MIRG wordt geformeerd, die gezamenlijk een MIRG-EU gaan vormen. Vervolgens kan het concept ook worden aangeboden aan andere EU-landen. De thuisbasis van het Nederlandse MIRG-team zal dus naar verwachting in Vlissingen komen, op militair terrein pal aan de Westerschelde. Hier wordt men bij een incident ook gehuisvest, gaat men trainen, kunnen helikopters landen, kan materieel opgeslagen worden en kunnen schepen aanmeren.

MIRG gaat vallen onder de veiligheidsregio Zeeland. Meijer: “De visie, zeg maar het punt op de horizon, is eigenlijk dat er een vervolgslag moet komen. Dat MIRG door samenwerking met Noordzee-partners zoals Rijkswaterstaat en de Kustwacht en met vergelijkbare teams uit Rotterdam, optimaal kan worden benut. Er wordt gezocht naar beweging op dat vlak. Want zulke hoogwaardige teams wil je al kunnen inzetten in het voortraject zodat je het effectgebied zo klein mogelijk houdt.” Jansen: “Wat geeft je het recht om in te grijpen?  Daar moet in lijn met het project Waterrand duidelijke wet- en regelgeving over komen.”

Het begin van een kentering lijkt inmiddels in gang te zijn gezet, mede onder invloed van de brand bij Chemie Pack in Moerdijk. Want sinds enkele maanden buigt een door de Nationale Coördinator Terrorisme en Veiligheid ingestelde stuurgroep zich over de mogelijkheden voor bovenregionale samenwerking bij incidenten.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *