Opvolging binnen familiebedrijven

 

zb_bakertillyberk_marcelklootwijkZeeland telt een groot aantal familiebedrijven. Dat betekent dat er in deze provincie ook vaker dan elders bedrijfsopvolging binnen de familie wordt geregeld. Opvolging binnen de familie klinkt logisch en vanzelfsprekend, maar het proces wordt vaak onderschat. “Als het hoofd er niet klaar voor is, lukt het niet.”

Een goede bedrijfsopvolging is essentieel voor de continuïteit van een bedrijf. Ongeveer een derde van de Zeeuwse familiebedrijven staat de komende jaren voor een bedrijfsoverdracht: zo’n 2000 Zeeuwse familiebedrijven willen voor 2018 hun opvolging regelen. “Begin daar op tijd mee”, zegt Marcel Klootwijk, partner bij Baker Tilly Berk. Uit onderzoekscijfers van Baker Tilly Berk en Business Universiteit Nyenrode blijkt dat 31 procent van de ondernemers die binnenkort met de opvolging starten, denkt dat het gehele proces maximaal één jaar zal duren.
”In werkelijkheid kost een opvolgingsproces gemiddeld 4,3 jaar.”

Bedrijfsopvolging binnen de familie vraagt een grondige voorbereiding, met name door de emoties die meespelen. Uit de onderzoekscijfers blijkt dat zeven op de acht Zeeuwse familiebedrijven hiermee worstelen: wat wordt de rol van de ondernemer na de opvolging, wie wordt de opvolger, veranderen de verhoudingen in de familie tijdens het proces, wat zijn de financiële consequenties voor het bedrijf en de familie? Het leidt er vaak toe dat beslissingen over de opvolging te lang worden uitgesteld. Een slechte zaak, want een niet of slecht geregelde bedrijfsoverdracht kan leiden tot groeivertragingen en zelfs tot faillissement.

“In een bedrijfsopvolgingsproces zijn de emoties vaak belangrijker dan het invullen van de euro’s. De oudere generatie moet zijn kindje loslaten, de opvolgers moeten in het bedrijf groeien. Dat kan spanningen geven en daar moet je de tijd voor nemen.” Volgens Klootwijk is het belangrijk dat de familie duidelijke afspraken maakt: “De structuur en de rolverdeling moeten duidelijk zijn en het moet helder zijn waar je met z’n allen naartoe werkt. Ten opzichte van de familie en andere belanghebbenden moet de nieuwe constructie een verdedigbaar verhaal zijn.”

Een van de bedrijven die Baker Tilly Berk heeft begeleid in het opvolgingsproces is Colsen BV in Hulst. Boris Colsen heeft het bedrijf, samen met een compagnon, in twee delen overgenomen van zijn vader. “Door het in twee tranches te doen, in 2009 en in 2012, is de overgang vrij geleidelijk gegaan. We hebben daarvoor gekozen omdat enerzijds mijn vader nog niet pensioengerechtigd was en volop meewerkte in het bedrijf en anderzijds omdat we in die tijd nogal groeiden, met een tweede bedrijfstak. Om de risico’s te spreiden hebben we de activiteiten gesplitst en een holdingstructuur opgezet. Na de eerste tranche participeerde mijn vader nog in het bedrijf, bij de tweede hebben mijn compagnon en ik het volledig overgenomen.”

Boris Colsen is in 2006 bij het bedrijf van zijn vader gaan werken met de bedoeling het op termijn over te nemen. “Dat was niet van jongs af aan het plan, ik had ook elders carrière in loondienst kunnen maken. Maar hier kan ik me meer ontplooien en sturen welke kant we met het bedrijf op gaan.” Nadat hij een paar jaar de ins en outs van het bedrijf had leren kennen, is het overnameproces in gang gezet. “De opvolging is op zich soepel verlopen, maar er komt veel bij kijken, zeker met het opzetten van de nieuwe bedrijfsstructuur. Je moet met veel partijen om tafel en de belastingdienst moet overal toestemming voor geven. Dat kun je niet even in een paar maanden regelen.”

Klootwijk adviseert ondernemers vanaf 55 jaar serieus te gaan nadenken over de opvolging. “Voor mensen die het lastig vinden het bedrijf los te laten zijn er allerlei mengvormen mogelijk, waarbij ze nog een taak binnen de onderneming houden.” Ook bij Colsen werkt vader nog mee, hoewel de eindverantwoordelijkheid nu bij zoon Boris ligt. “Voor de continuïteit van het bedrijf is dat heel belangrijk. Wij zijn een technologisch bedrijf en mijn vader is echt de ontwikkelaar bij ons. Ik hou me meer bezig met de operationele zaken. Wij kijken naar ieders capaciteiten en wie het beste welke taak kan doen. Ik verwacht dat mijn vader hier nog wel een tijdje blijft werken. Zeker tot zijn pensioen, maar waarschijnlijk wel langer.”

Als accountant vindt Klootwijk het zijn taak de oudere ondernemer aan te sporen tot actie, als dat niet vanzelf gebeurt. Ook al voel je je nog zo fit en kun je doorwerken tot je negentigste: niet doen, zegt Klootwijk. “Dat is ook niet fair: de nieuwe generatie wordt ook ouder en staat te trappelen om het stokje over te nemen. En of je nou vroeger of later begint: de emotie blijft hetzelfde.” Is het proces eenmaal op gang, dan houdt de accountant een vinger aan de pols: zorgen dat afspraken worden nagekomen, alternatieven bespreken en de trein op gang houden. “En begrip hebben voor gevoeligheden: elke situatie, elk bedrijf en elke familie is anders. Dat vraagt maatwerk.”

Tot slot

Een bedrijfsoverdracht valt niet altijd te plannen. Klootwijk: “Iemand kan opeens wegvallen. Ook daar moet je je als bedrijf op voorbereiden.” Hij adviseert bedrijven altijd een goede tweede man of vrouw in de organisatie te zoeken, die in geval van nood de zaken kan overnemen. “Daarnaast moet de structuur van het bedrijf zo zijn ingericht dat de onderneming niet stil valt. Dat is een verantwoordelijkheid naar je personeel, klanten en leveranciers. En maak gebruik van de fiscale mogelijkheden in een testament, zodat de familie in geval van overlijden niet leegloopt op de belastingen.”

 

Tekst: Liesbet Mallekoote
Fotografie: Ruden Riemens

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *